Voor gezonde en vitale inwoners in de gemeente Súdwest-Fryslân moet eerst de basis op orde

2021: 14 januari

Afgelopen semester gingen negen studenten in groepen van drie, samen met aan de gemeente Súdwest-Fryslân, Stichting Sociaal Collectief en de GGD, aan de slag met de vraag hoe de gemeente gezonde en vitale inwoners krijgt en behoudt. Daarbij lag de focus op werkende mantelzorgers, jongeren en betrokkenheid van ouders bij hun kroost. Gebruik werd gemaakt van de vijf basisvoorwaarden van het preventieakkoord van de gemeente Súdwest-Fryslân.

Lysbeth de Jong, beleidsmedewerker preventie van de gemeente Súdwest-Fryslân, trapte af met een korte toelichting op de huidige preventieaanpak van de gemeente. In de gemeente wordt gebruik gemaakt van een lokaal preventieakkoord, een gezamenlijke visie die verder gaat dan het landelijke akkoord. De nadruk ligt op  de vijf basisvoorwaarden: gezonde levensstijl, gezonde vaardigheden, waardevolle relaties, financieel gezond en gezonde omgeving. Als er aan deze voorwaarden wordt voldaan, dan heb je te maken met gezonde en vitale inwoners.

Mural
Na deze introductie mochten de deelnemers eerst zelf aan de slag met deze basisvoorwaarden. Op een digitale mural konden ze op post-its schrijven wat zij zelf belangrijk vinden bij deze voorwaarden. De reacties op het gebruik va deze interactieve tool waren erg positief.

Sterke basis voor de werkende mantelzorger
De eerste presentatie ging over mantelzorg, met als specifieke doelgroep de werkende mantelzorger. Jessica de Jong, Lianne Smit en Martin Urbano, studenten van de minors Masters of Change en Betekeniseconomie, onderzochten hoe werkgevers de basisvoorwaarden voor werkende mantelzorgers kunnen versterken, zodat werk, privé en andere zaken goed in balans zijn.

Hiervoor deden zij eerst verkennend literatuuronderzoek. Vervolgens hielden ze bij 39 bedrijven een telefonische enquête over de Dag van de Mantelzorg, waarin werd gevraagd of werkgevers aandacht besteden aan mantelzorgers en de Dag van de Mantelzorg. De resultaten van de telefonische enquête laten zien dat bedrijven niet altijd zicht hebben op het aantal mantelzorgers in hun organisatie. Maar 26% van de bedrijven besteedt speciaal tijd aan mantelzorgers en slechts 7% doet iets voor de Dag van de Mantelzorg. Er werd ook een enquête gedeeld op het intranet van de gemeente Súdwest-Fryslân zelf. Ook bij de gemeente is er onvoldoende zicht op het fenomeen. Desalniettemin gaven de ondervraagden aan tevreden te zijn. Zo kunnen de gemeenteambtenaren flexibele werktijden hanteren en zorgverlof krijgen. Mantelzorg mag wel meer bespreekbaar worden. Het wordt nog (te) vaak gezien als privékwestie. Andersom laten mantelzorgers zich er vaak ook niet op voorstaan.

Laatste is ook redenen waarom werkende mantelzorgers lastig in beeld te brengen zijn en waarom er nog te weinig aandacht is voor deze groep. Maar wanneer de werkgevers faciliteiten aanbiedt, helpt dit mantelzorgers enorm. ZZP’ers zijn een ander probleem. Zij ervaren druk en hebben geen faciliteiten. De studenten bevelen dan ook aan dat mantelzorg bespreekbaar moet worden gemaakt binnen een organisatie en dat er meer bekendheid aan moet worden gegeven. Ook moet er aandacht komen voor ZZP’ers. De gemeente Súdwest-Fryslân kan hierin het voorbeeld geven, omdat zij al goed bezig is.

Activiteiten om de vijf basisbehoeften te versterken
De volgende presentatie richtte zich op jongeren. Studenten Katharina Kerbusch, Selda de Haan en Hayo Galema van de opleidingen Verpleegkunde en Finance, Tax and Advice, onderzochten of de activiteiten van Cool Súdwest de vijf basisbehoeften van jongeren voldoende versterken.

De studenten begonnen met literatuuronderzoek, maar gingen al snel over op een actieve aanpak. Het plan was om activiteiten van Cool Súdwest bij te wonen om zo in contact te komen met jongeren. Maar corona gooide roet in het eten. Daarom werd Instagram ingezet: door middel van polls werden negen vragen vanuit de basisvoorwaarden gesteld. Deze tool bleek zeer vruchtbaar: gemiddeld werd er zo’n tachtig keer geantwoord. Er sprongen een aantal antwoorden uit. Jongeren weten niet altijd hoe ze een bijbaan kunnen vinden om voldoende geld om handen te hebben. Voor hen welzijn en sociale contacten is ook een geschikte hangplek belangrijk. De studenten keken ook hoe de basisvoorwaarden in het plan van aanpak van Cool Súdwest zijn verwerkt. De conclusie is dat ‘leefstijl’ en ‘financieel gezond’ nog meer aandacht verdienen.

Om echt iets te kunnen betekenen voor Cool Súdwest hebben de studenten een screeningstool ontwikkeld aan de hand van de vijf basisvoorwaarden. Hiermee kunnen de bestaande activiteiten worden gescreend en kan men zien of de activiteiten de basisvoorwaarden voldoende afdekken. Het gaat hierbij om een prototype. De screeningstool moet verder worden ontwikkeld door een volgende groep studenten. Jaap Ikink was echter al enthousiast in de chat: “Wat ons in de verkenning- en oriëntatiefase opviel, was dat de uitvoerende professionals het lastig vonden om hun activiteiten te verbinden aan de vijf basisvoorwaarden voor gezonde en vitale inwoners. Terwijl zij daar toch (bewust of onbewust) aan bijdragen. Door dat meer inzichtelijk te maken kun je de maatschappelijke impact van dergelijke activiteiten en interventies vergroten. Daar kan een dergelijk tool aan bijdragen.”

Draagvlak te creëren voor NIX18!
De laatste presentatie werd gegeven door studenten Elisabeth Horjus, Geeske Hamstra en Sem Lux van de opleiding Verpleegkunde, minor Verslavingskunde. Zij focusten zich op ouderbetrokkenheid. Daarbij gingen ze uit van het IJslandse preventiemodel dat vier beschermende factoren kent: gezin, peergroep, school en vrije tijd. Wanneer deze factoren worden verbeterd, daalt het middelengebruik. Het vraagstuk dat de studenten wilden oplossen is hoe draagvlak te creëren voor het gedachtegoed van NIX18! onder ouders in de gemeente Súdwest-Fryslân.

Ook hier startten de studenten met literatuuronderzoek. Hieruit kwam naar voren dat de algemeen geaccepteerde leeftijdsgrens voor alcoholconsumptie nog niet bij iedereen 18 jaar is. Vervolgens schoven de studenten twee keer aan bij de werkgroep ouderbetrokkenheid,  georganiseerd door Akke Hofstee van de GGD. Dit leverde het interessante inzicht op dat de focus moest worden verlegd naar het met elkaar in contact brengen van ouders in plaats van algemene ouderbetrokkenheid. Er werd ook een enquête gehouden onder ouders, maar die bleek niet adequaat. Een tweede enquête is recent opgezet en is dus nog niet meegenomen in dit onderzoek.

Door tijdgebrek staat de oplossing − een supportgroep voor ouders van tieners − nog in de kinderschoenen. De verwerking van de nieuwe resultaten van de enquête en de ontwikkeling van de supportgroep is dus een mooie uitdaging voor de volgende lichting studenten. Belangrijk is dat te kijken naar de privacywetgeving, de faciliterende rol van de school en hoe kritische ouders te betrekken. Marije Veldman, die in de verslavingszorg werkt, ziet het wel zitten: “Er is nog een grote slag te slaan bij ouderbetrokkenheid, dus mooi dat jullie en de volgende groep studenten hier aandacht aan geven.”

Lovende woorden
Gea Wielinga, wethouder Sociaal Domein, sloot de presentatie af met een aantal lovende woorden. “Ik heb vol interesse zitten kijken. Dit is enorm leerzaam. Jullie kijken als studenten toch op een hele andere manier naar deze onderwerpen. Er zijn veel vragen beantwoord en jullie goede onderzoek heeft ook aangetoond dat er ook weer vervolgvragen zijn waarmee de volgende groep aan de slag kan. Dit gaan we onderling met de ambtenaren bespreken.”

Jolanda Tuinstra was enthousiast over de Atelier presentaties. “Jullie komen telkens weer met verrassende, andere aanpakken die echt iets toevoegen.” Student Lianne Smit was ook erg positief: “Het is echt leuk om samen te werken met zoveel verschillende mensen met verschillende achtergronden. Daar leer je erg van. Iedereen heeft weer een verschillende kijk op dingen. Het is daarom belangrijk om in zulke gemêleerde groepen te werken.”